U bent hier

Narcissus

In een boom in de bast stond jouw naam
gekrast, maar wij zijn nu al te oud,
grijs als de as van het hout.

Een zomer aan het strand met onze namen
in het zand, maar halverwege het getij
was de liefde al voorbij.

We verzonden brief na brief, o wat hadden we
ons lief, we waren te beschroomd,
hebben dagen verdroomd.

Jij schreef op de beslagen ruit maar veegde het
weer uit, ik kraste in het ijs maar
ging weer alleen op reis.

En alles werd weer water en te laat is het
dan later, niets dat er nog van rest
dan een sleetse palimpsest.

© <auteur geanonimiseerd>, 2020