U bent hier

Je gezicht toen ik mijn koffie was vergeten

Want dan denk ik aan je gezicht
toen ik m’n koffie was vergeten

en jij ‘m kwam brengen,
je glimlach vanzelfsprekend,
het was nat van de regen.

Je ogen vond ik het mooist
als ze bewondering vertelden
en in de taal der dienstbaarheid
van zorg en zachtheid spraken,

tot we op een dag onze woorden vergaten
en de luikende dofheid in je blik
me geheel sprakeloos maande,
als in een oogwenk, niet te verstaan.

Stil, ten slotte, en blind voor elkaar
neem ik waar hoe sprekend je lijkt
op de klank van een herinnering
aan nog echoënde intimiteit,

want telkens als ik bang ben
je oogopslag te vergeten,
dan denk ik aan je gezicht
dat nat was van de regen.

© <auteur geanonimiseerd>, 2021