U bent hier

Afgelopen

Het parkeerterrein wordt 's avonds niet bezet.
Wanneer de laatste auto's uit het zicht verdwijnen
blijf ik staren. Tel van bovenaf de lijnen,
of ik zo het onafwendbaar lot belet.

Beducht voor wat gaat komen, sluit ik de gordijnen.
In de kamer wordt het klinisch wit palet
discreet doorbroken door de bloemen naast het bed.
Er hangt een geur van droge lucht en medicijnen.

Onverwacht ontving je dat vervloekt bericht,
waarna je zielenstrijd onhoudbaar werd verloren.
Het beangstigt mij, zoals je daar nu ligt;

verkrampt gezicht - de wrede ziekte liet haar sporen -
uitgeput, je ingevallen ogen dicht.
Ik troost je, maar betwijfel of je mij kunt horen.

© <auteur geanonimiseerd>, 2019